11.10.2010

P.J. BENOIT: KIRCHGÄNGER

De deftige blanke man en zijn vrouw gaan naar de kerk, gekleed volgens de Europese mode. De man draagt een zwart lakens pak, wat heel warm is in de tropen, en de vrouw een japon. De stoet die hen begeleidt bestaat uit de dienstbode met de parasol voor haar mevrouw, achter het paar twee slavinnen van wie een het voetenbankje van mevrouw draagt en een vierde slavin met twee kerkboekjes op de geheven hand, een in het wit geklede jongen, de voetebooi die een paraplu en een sleutelmandje draagt en ten slotte een klein meisje met paraplu.
Bron: P.J. Benoît, Voyage à Surinam (1839), pl. 24.

Keine Kommentare:

Kommentar veröffentlichen