Posts mit dem Label freie sklave werden angezeigt. Alle Posts anzeigen
Posts mit dem Label freie sklave werden angezeigt. Alle Posts anzeigen

02.01.2017

manumissie

(rechtsgeschiedenis) "term voor het volgens bepaalde rechtsregels vrijgeven van slaven in Suriname van de 19e eeuw. Afgeleid van "manumissio", een begrip in het Romeinse recht, letterlijk vertaald: ?zending uit de hand [van de meester]?."

http://www.slavernijenjij.nl/de-aankomst/manumissies/

Manumissies


anno 1838
Jan Houthakker, alias Flink
PARAMARIBO – Flink is geboren in Afrika. Die naam heeft hij gekregen bij zijn aankomst als slaaf in Suriname. Wat zijn echte naam is weten we niet, wanneer hij in Suriname is aangekomen ook niet. We weten wel dat hij in 1838 het ‘eigendom’ is van Nathaniel Vollenbeek, Gregoris Carel de L’Isle en Johannes Zwiep.
Op 13 december 1838 laten zij hem namelijk vrij: ze manumitteren hem. Bij zijn vrijlating krijgt Flink de naam Jan Houthakker. Op 7 april 1841 wordt hij onder die naam in het burgerregister ingeschreven. Die inschrijving is belangrijk, want vanaf dat moment kan hij een huis kopen, een vrij beroep uitoefenen en slaven ‘bezitten’.
Met twee van zijn voormalige eigenaren, Nathaniel Vollenbeek en Johannes Zwiep, is iets bijzonders aan de hand. Zij zijn zelf ook slaven geweest. In 1833 zijn ze allebei gemanumitteerd. De voormalige eigenares van Vollenbeek is zelf ook weer een gemanumitteerde vrouw, Mary van McNiel. Jan Houthakker volgt hun voorbeeld. Hij gaat zijn best doen om zoveel mogelijk slaven te helpen om vrij te worden.

Wat is het verschil tussen manumissie en emancipatie?



09.04.2016

Slaven en vrijen. Van Hoëvell (1854)

09 Saturday Apr 2016
Posted by Carl Haarnack in 19th century books, Bibliotheca Surinamica, Dutch books
≈ Comments Off on Slaven en vrijen. Van Hoëvell (1854)

Slaven en vrijen onder de Nederlandsche wet. W.R. van Hoëvell. Zaltbommel: Joh. Noman en Zoon, 1854.
Wolter Robert baron van Hoëvell werd geboren in Deventer in 1812. Hij overleed in 1879 in Den Haag. Tussen 1837 en 1848 was hij predikant in Batavia, het huidige Jakarta in Indonesië. Van 1849 tot 1862 was hij lid van de Tweede Kamer. Na deze periode bleef hij tot zijn dood lid van de Raad van State, adviesorgaan van de regering en de hoogste bestuursrechter van Nederland.

Litho uit Slaven en Vrijen (1854)

In 1854 verscheen zijn boek Slaven en vrijen onder de Nederlandsche wet. Dit is één van de belangrijkste boeken uit de Surinaamse bibliotheek. Samen met de Max Havelaar (1860) vormt het de belangrijkste 19e eeuwse aanklacht tegen het Nederlandse beleid in de koloniën. Met zijn publicatie beïnvloedde Hoëvell in belangrijke mate het debat over de afschaffing van de slavernij in Suriname. Hij is zelf nooit in Suriname geweest maar heeft op basis van koloniale verslagen en informanten een boek samengesteld over de erbarmelijke levensomstandigheden van de slaven in Suriname (bijna 40.000 in aantal) en de marrons die zich in de binnenlanden ophouden. Die informanten worden niet bij naam genoemd omdat, zo geeft Hoëvell aan, de kans bestaat dat zij gevaar lopen door de acties van de tegenstanders van de afschaffing van de slavernij. Het boek biedt volgens de auteur ‘alléén waarheid en niets dan waarheid voor; dat wil zeggen: van den toestand der maatschappij in Suriname, voor zooveel de slavernij betreft, heb ik een waarachtig en getrouw tafereel trachten op te hangen’.

Plantage directeur met Creolenmama en slavenkinderen